Skip to content
Natuur, Leven en Technologie · Klas 6 VWO

Ideeën voor actief leren

DNA-profilering en statistiek

DNA-profilering en statistiek vormt de ruggengraat van het moderne forensisch onderzoek (Domein B2 en F1). Leerlingen in klas 6 VWO verdiepen zich in de moleculaire technieken zoals PCR (Polymerase Chain Reaction) en gel-elektroforese die nodig zijn om een DNA-profiel op te stellen. Ze leren hoe specifieke gebieden in het genoom, de Short Tandem Repeats (STR's), worden gebruikt om individuen met extreme nauwkeurigheid te onderscheiden.

SLO Kerndoelen en EindtermenSLO Domein B2: ModellerenSLO Domein F1: Fundamentele theorieën
30–50 minDuo's → Hele klas3 activiteiten

Activiteit 01

Onderzoekskring45 min · Kleine groepjes

Onderzoekskring: De PCR-simulatie

Leerlingen simuleren de stappen van PCR (denaturatie, annealing, extensie) met papieren DNA-modellen of een digitale tool. Ze berekenen de exponentiële groei van het aantal DNA-fragmenten na 30 cycli.

Hoe werkt de Polymerase Chain Reaction (PCR)?
AnalyserenEvaluerenCreërenZelfmanagementZelfbewustzijn
Volledige les genereren

Activiteit 02

Denken-Delen-Uitwisselen: De Bewijskracht van een Match

Leerlingen krijgen een DNA-profiel met 3 markers en de frequenties in de populatie. Ze berekenen de matchkans en bespreken in paren of dit voldoende bewijs is voor een veroordeling, of dat er meer markers nodig zijn.

Hoe interpreteer je een DNA-profiel met STR-markers?
BegrijpenToepassenAnalyserenZelfbewustzijnRelatievaardigheden
Volledige les genereren

Activiteit 03

Oefenrechtbank50 min · Hele klas

Oefenrechtbank: De DNA-expert in de getuigenbank

Een leerling speelt de forensisch expert en moet aan een 'jury' (de klas) uitleggen waarom een matchkans van 1 op een miljard niet betekent dat de verdachte 100% zeker schuldig is (de prosecutor's fallacy).

Hoe bereken je de kans op een toevallige DNA-match?
AnalyserenEvaluerenCreërenBesluitvormingSociaal Bewustzijn
Volledige les genereren

Enkele opmerkingen over deze eenheid onderwijzen


Pas op voor deze misvattingen

  • Een DNA-match betekent dat de verdachte schuldig is.

    DNA bewijst alleen dat er biologisch materiaal van de persoon aanwezig was, niet hoe of wanneer het daar kwam. Door casussen van secundaire overdracht te bespreken, leren leerlingen kritisch naar de context te kijken.

  • PCR maakt een kopie van het hele genoom.

    PCR vermeerdert alleen heel specifieke, korte stukjes DNA (de markers). Door zelf primers te ontwerpen in een opdracht, begrijpen leerlingen de specificiteit van de techniek.


Methodes gebruikt in dit overzicht