De reconstructie van een plaats delict is de ultieme integratie van alle NLT-disciplines (Domein B1 en A). Leerlingen in klas 6 VWO passen natuurkunde (ballistiek, bloedspoorpatroonanalyse), biologie (lichaamstemperatuur, entomologie) en logica toe om een scenario te bouwen dat alle gevonden sporen verklaart. Dit onderwerp vraagt om een hoge mate van kritisch denken en het vermogen om tegenstrijdige informatie te wegen.
SLO Kerndoelen en EindtermenSLO Domein B1: InterdisciplinariteitSLO Domein A: Waarderen en oordelen
Met behulp van (nep)bloed en papier onderzoeken leerlingen de relatie tussen de vorm van een spetter en de hoek van inslag. Ze gebruiken sinusfuncties om de bron van het bloed in een 3D-ruimte te lokaliseren.
Hoe bepaal je de hoek van inslag bij een bloedspetter?
Leerlingen meten de temperatuur van een afkoelend object (als model voor een lichaam) en gebruiken de afkoelingswet van Newton om terug te rekenen naar het tijdstip van 'overlijden'. Ze bespreken welke omgevingsfactoren de curve beïnvloeden.
Twee teams krijgen dezelfde set sporen maar moeten verschillende scenario's verdedigen (bijv. moord versus zelfverdediging). Ze moeten laten zien hoe hun scenario alle fysieke bewijzen verklaart.
Hoe combineer je verschillende soorten bewijs tot een sluitend scenario?
De tijd van overlijden kan tot op de minuut nauwkeurig worden bepaald.
Factoren zoals kleding, lichaamsbouw en omgevingstemperatuur zorgen voor grote onzekerheidsmarges. Leerlingen leren dat forensische schattingen altijd een tijdsinterval geven, geen exact tijdstip.
Een kogelbaan is altijd een rechte lijn.
Over langere afstanden buigt een kogelbaan af door zwaartekracht en luchtweerstand. Door ballistische berekeningen te maken, zien leerlingen dat de werkelijke baan een parabool is.