De werking van de vrije markt is een van de meest fundamentele concepten in de economie. In dit onderwerp leren leerlingen hoe de interactie tussen vragers (consumenten) en aanbieders (producenten) leidt tot een evenwichtsprijs. Ze maken kennis met de wet van vraag en aanbod en leren hoe prijsveranderingen leiden tot verschuivingen langs de lijnen.
SLO Kerndoelen en EindtermenSLO Kerndoel 46Domein C: Markt en Overheid
De helft van de klas is koper, de andere helft verkoper met verschillende limietprijzen. In drie rondes onderhandelen ze over de prijs. Na elke ronde noteren we de prijzen op het bord om te zien of er een evenwichtsprijs ontstaat.
Groepen onderzoeken hoe de vraag naar producten als benzine, iPhones en brood verandert als de prijs met 50% stijgt. Ze presenteren hun conclusies over welke producten 'onmisbaar' zijn en waarom.
Denken-Delen-Uitwisselen: Verschuiving van de Lijn
Leerlingen krijgen scenario's (bijv. een trend op TikTok, een mislukte oogst). Ze tekenen individueel wat er gebeurt met de vraag- of aanbodlijn, bespreken dit in tweetallen en leggen het effect op de prijs uit.
Een hogere prijs zorgt altijd voor een hogere vraag omdat mensen denken dat het beter is.
De wet van de vraag stelt dat bij een hogere prijs de gevraagde hoeveelheid daalt. Uitzonderingen (zoals statusgoederen) zijn zeldzaam. Door grafieken te tekenen, zien leerlingen de negatieve relatie tussen prijs en gevraagde hoeveelheid.
De evenwichtsprijs is de 'eerlijke' prijs.
De evenwichtsprijs is slechts het punt waar vraag en aanbod gelijk zijn. Het zegt niets over ethiek of betaalbaarheid voor minima. Discussies over maximumprijzen voor huurwoningen helpen dit onderscheid te verduidelijken.