In dit afsluitende thema brengen leerlingen alles wat ze geleerd hebben in de praktijk. Actief burgerschap gaat over het nemen van verantwoordelijkheid voor de eigen omgeving en de bredere samenleving. Leerlingen leren hoe ze invloed kunnen uitoefenen via formele wegen (politiek) en informele wegen (campagnes, acties).
SLO Kerndoelen en EindtermenKerndoel 43Kerndoel 46Kerndoel 47
Leerlingen gaan de wijk in om een lokaal probleem te identificeren (bijv. eenzaamheid, zwerfafval of onveilige verkeerssituaties). Ze interviewen buurtbewoners om de kern van het probleem te begrijpen.
Hoe kun jij als jongere direct invloed uitoefenen op de maatschappij?
Groepen ontwerpen een campagne voor een zelfgekozen doel. Ze maken een poster, een social media plan en een korte pitch. Ze moeten uitleggen welke doelgroep ze willen bereiken en welk effect ze beogen.
Wat is een effectieve manier om actie te voeren voor een goed doel?
Oefen een gesprek waarbij leerlingen een concreet plan presenteren aan een 'wethouder' (de docent of een medeleerling). Ze leren hoe ze hun argumenten moeten onderbouwen om beleidsmakers te overtuigen.
Hoe zet je een succesvol maatschappelijk project op in je eigen omgeving?
Leerlingen denken vaak dat je pas meetelt als je mag stemmen. Door voorbeelden te laten zien van succesvolle jongereninitiatieven (zoals lokale jongerenraden of klimaatacties), ontdekken ze dat er veel informele machtsmiddelen zijn.
Een actie voeren is alleen maar demonstreren op straat.
Burgerschap is veel breder: het kan ook gaan om het opzetten van een ruilbibliotheek of het schrijven van een burgerinitiatief. Peer-discussie over verschillende vormen van actie helpt leerlingen een vorm te vinden die bij hen past.