Liquiditeit en solvabiliteit zijn de belangrijkste graadmeters voor de financiële gezondheid van een bedrijf. Liquiditeit gaat over de vraag of een bedrijf op korte termijn aan zijn betalingsverplichtingen kan voldoen. Solvabiliteit kijkt naar de lange termijn: is het bedrijf in staat om bij opheffing alle schulden terug te betalen?
SLO Kerndoelen en EindtermenDomein G: VerslaggevingSubdomein G4: Kengetallen
Hang balansen van verschillende bedrijven op (bijv. een supermarkt vs. een bouwbedrijf). Leerlingen lopen rond, berekenen de ratio's en geven een 'gezondheidsadvies' per bedrijf.
Kan de onderneming haar kortlopende schulden betalen?
Waarom kan een bedrijf met een hoge current ratio toch in de problemen komen? Leerlingen denken na over de rol van onverkoopbare voorraden en bespreken de quick ratio als alternatief.
Geef een casus van een bedrijf met een slechte liquiditeit. Groepen moeten drie concrete maatregelen bedenken (bijv. debiteurenbeheer, verkoop activa) om de ratio binnen een maand te verbeteren.
Wat geeft de solvabiliteit aan over de afhankelijkheid van schuldeisers?
Een extreem hoge liquiditeit kan betekenen dat er te veel geld 'dood' op de rekening staat dat niet rendeert. Door leerlingen te laten discussiëren over opportuniteitskosten, leren ze dat er een optimum is.
Solvabiliteit en liquiditeit zijn hetzelfde.
Liquiditeit gaat over 'nu' (cashflow), solvabiliteit over 'ooit' (vermogensstructuur). Een actieve vergelijking van een winstgevend bedrijf zonder cash helpt dit onderscheid te verduidelijken.