Skip to content
Wiskunde · Groep 3

Ideeën voor actief leren

Getallen tot 100: Tellen en Structureren

Actief leren werkt voor deze doelgroep omdat structuur in getallen tot 100 letterlijk zichtbaar wordt gemaakt door manipulatie en beweging. Leerlingen onthouden patronen beter wanneer ze tientallen en eenheden niet alleen horen, maar ook zien en aanraken. Het werken met sprongen en groeperingen sluit aan bij hun natuurlijke behoefte om getallen te ordenen en te vergelijken.

SLO Kerndoelen en EindtermenSLO: Basisonderwijs - Getallen en bewerkingenSLO: Basisonderwijs - Getalbegrip
15–35 minDuo's → Hele klas4 activiteiten

Activiteit 01

Circuitmodel35 min · Kleine groepjes

Stationrotatie: Sprongen Tellen

Richt vier stations in: 1) Tellen op getallenlijn met sprongen van 10. 2) Kaarten sorteren in tientallen. 3) Blokjes groeperen in 10-en. 4) Getallen schrijven en structureren. Groepen wisselen elke 7 minuten en noteren bevindingen.

Verklaar hoe het tellen in sprongen van 10 ons helpt om snel tot 100 te tellen.

FacilitatietipBij de stationrotatie moedig leerlingen aan om hardop te tellen terwijl ze de sprongen maken met blokken of op de getallenlijn.

Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaart met een getal tussen 30 en 90. Vraag hen om op te schrijven hoeveel tientallen en hoeveel eenheden het getal bevat. Vraag daarnaast: 'Hoeveel sprongen van 10 moet je maken om bij dit getal te komen vanaf 0?'

OnthoudenBegrijpenToepassenAnalyserenZelfmanagementRelatievaardigheden
Volledige les genereren

Activiteit 02

Circuitmodel20 min · Duo's

Paarwerk: Dientallen Bouwen

Deel stroken van 10 en losse eenheden uit. Leerlingen bouwen getallen zoals 47 door 4 stroken en 7 eenheden te leggen. Ze beschrijven de structuur hardop en vergelijken met partner.

Analyseer de relatie tussen het aantal tientallen en het getal.

FacilitatietipGeef bij Dientallen Bouwen elk paar precies het juiste aantal blokken en vraag hen om hun bouwwerk te verantwoorden tegenover een ander paar.

Waar je op moet lettenTijdens het klassikaal tellen in sprongen van 10, vraag je tussendoor: 'Welk getal komt na 50 als we in sprongen van 10 tellen?' of 'Welk getal komt voor 70?' Gebruik een getallenlijn om visuele ondersteuning te bieden.

OnthoudenBegrijpenToepassenAnalyserenZelfmanagementRelatievaardigheden
Volledige les genereren

Activiteit 03

Circuitmodel15 min · Hele klas

Hele Klas: Getallenparade

Leerlingen lopen in kring en roepen sprongen van 10 om beurten. Bij 100 klappen allen. Herhaal met variaties zoals achteruit tellen of starten bij 35.

Vergelijk de structuur van getallen tot 20 met die van getallen tot 100.

FacilitatietipTijdens de Getallenparade laat je leerlingen om de beurt een getal noemen en op de getallenlijn plaatsen, zodat de hele klas het patroon ziet.

Waar je op moet lettenLeg een stapel van 4 tientallen blokken en 3 losse eenheden neer. Vraag: 'Hoeveel blokken heb ik hier in totaal? Leg uit hoe je tot dit getal komt door eerst de tientallen te tellen en dan de eenheden erbij te voegen.'

OnthoudenBegrijpenToepassenAnalyserenZelfmanagementRelatievaardigheden
Volledige les genereren

Activiteit 04

Circuitmodel25 min · Individueel

Individueel: Structuurtekenen

Leerlingen tekenen getallen tot 100 als vakjes: tientallen als rijen van 10, eenheden los. Kleur tientallen anders en tel na.

Verklaar hoe het tellen in sprongen van 10 ons helpt om snel tot 100 te tellen.

FacilitatietipLaat bij Structuurtekenen leerlingen hun tekening eerst aan een klasgenoot uitleggen voordat ze deze inleveren voor feedback.

Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaart met een getal tussen 30 en 90. Vraag hen om op te schrijven hoeveel tientallen en hoeveel eenheden het getal bevat. Vraag daarnaast: 'Hoeveel sprongen van 10 moet je maken om bij dit getal te komen vanaf 0?'

OnthoudenBegrijpenToepassenAnalyserenZelfmanagementRelatievaardigheden
Volledige les genereren

Sjablonen

Sjablonen die passen bij deze Wiskunde-activiteiten

Gebruik, bewerk, print of deel ze.

Enkele opmerkingen over deze eenheid onderwijzen

Begin met concrete materialen zoals tientallenblokken en losse eenheden om de structuur tastbaar te maken. Vermijd abstracte uitleg over tientallen als 'groepjes van 10' zonder visuele ondersteuning. Herhaal de sprongen van 10 tot 100 meerdere keren, eerst klassikaal en later in kleinere groepen. Gebruik elke keer dezelfde getallenlijn of blokken om vertrouwdheid te creëren. Onderzoek toont aan dat herhaling met variatie in aanpak (visueel, auditief, kinesthetisch) het meest effectief is voor deze doelgroep.

Succesvolle leerlingen kunnen tientallen en eenheden herkennen in getallen tot 100, tellen in sprongen van 10 vlot uitvoeren en uitleggen hoe een getal als 64 is opgebouwd uit tientallen en eenheden. Ze gebruiken dit inzicht om getallen te vergelijken en te ordenen zonder losse eenheden apart te tellen.


Pas op voor deze misvattingen

  • Tijdens Stationrotatie: Sprongen Tellen zien leerlingen tientallen als losse sprongen zonder verband tussen de getallen.

    Laat leerlingen tijdens deze activiteit hardop het volgende getal noemen voordat ze de sprong maken op de getallenlijn en vraag hen om uit te leggen waarom dat getal het volgende is in de reeks.

  • Tijdens Paarwerk: Dientallen Bouwen tellen leerlingen tientallen en eenheden apart zonder de structuur te combineren.

    Geef elk paar de opdracht om hun bouwwerk te verantwoorden door te zeggen: 'We hebben 3 tientallen, dat is 30, en 7 eenheden, dus in totaal 37.' Laat ze dit herhalen voor minstens drie verschillende getallen.

  • Tijdens Hele Klas: Getallenparade zien leerlingen het patroon van tientallen niet terug in getallen boven de 50.

    Gebruik tijdens deze activiteit een getallenlijn met markeringen van 10 tot 100 en vraag leerlingen om na elke ronde te benoemen welk tiental ze hebben bereikt. Bijvoorbeeld: 'Na 5 sprongen van 10 zijn we bij 50.'


Methodes gebruikt in dit overzicht