Activiteit 01
Pantomime: Uitdrukkingen Raden
Deel de klas in kleine groepen. Elke leerling trekt een kaart met een uitdrukking, zoals 'op zijn kop krijgen', en speelt de figuurlijke betekenis uit met gebaren. Groep raadt en bespreekt de juiste betekenis. Wissel rollen na vijf beurten.
Wat betekent 'iets voor zoete koek slikken'?
FacilitatietipTijdens de pantomimeoefening geef je eerst een korte demonstratie van hoe je een uitdrukking letterlijk kunt naspelen voordat je de figuurlijke betekenis toont.
Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaartje met een uitdrukking, bijvoorbeeld 'met de handen in het haar zitten'. Vraag hen om de letterlijke betekenis te tekenen en de figuurlijke betekenis op te schrijven.