Activiteit 01
Spiegelobservatie: In- en Uitademen
Geef elk kind een kleine spiegel. Laat ze de spiegel voor mond en neus houden en rustig in- en uitademen. Observeer de condensvorming en bespreek het verschil tussen in- en uitademen. Teken de waarnemingen na.
Hoe adem jij in en uit?
FacilitatietipZorg bij de spiegelobservatie dat elk kind minimaal twee minuten observeert hoe de spiegel beslaat bij uitademen en verdwijnt bij inademen.
Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaartje met een tekening van een persoon die rent en een persoon die stilzit. Vraag hen om op te schrijven of te tekenen hoe de ademhaling bij deze twee personen verschilt en waarom.