Activiteit 01
Circuitmodel: Mutatietypes
Richt vier stations in: puntmutatie (kaarten met DNA-sequenties wijzigen), insertie/deletie (puzzels met genfragmenten), chromosoomduplicatie (modelchromosomen dupliceren) en recombinatie (meiose-simulatie met kleurkralen). Groepen rotëren elke 10 minuten en noteren fenotype-veranderingen.
Beoordeel in hoeverre mutaties de drijvende kracht zijn achter adaptatie versus genetische instabiliteit.
FacilitatietipBij de Station Rotation laat je leerlingen na elke 10 minuten van onderdeel wisselen, met een duidelijke timersignaal van 30 seconden vooraf om overgangsruimte te creëren.
Waar je op moet lettenStel de vraag: 'In hoeverre zijn mutaties de drijvende kracht achter adaptatie versus genetische instabiliteit?' Laat leerlingen eerst individueel argumenten verzamelen voor beide kanten, en voer vervolgens een klassengesprek waarin ze hun standpunten onderbouwen met voorbeelden van mutaties en hun gevolgen.