Ga naar de inhoud
Beeldende vorming · Klas 1 VWO · Ruimte en Constructie · Periode 3: Ruimtelijkheid

Open en Gesloten Vormen

Onderzoek naar de impact van open structuren (doorzichtig, met gaten) versus gesloten, massieve vormen.

SLO Kerndoelen en EindtermenSLO: Voortgezet onderwijs - Beeldende vorming: Ruimtelijk werkenSLO: Voortgezet onderwijs - Beeldende vorming: Compositie

Over dit onderwerp

Open en gesloten vormen richten zich op de impact van structuren op de omringende ruimte. Leerlingen onderzoeken open structuren, zoals doorzichtige of geperforeerde vormen met gaten, die licht en lucht doorlaten en de omgeving integreren. Gesloten, massieve vormen blokkeren daarentegen de ruimte, creëren een solide aanwezigheid en benadrukken volume. Dit past bij SLO-kerndoelen voor ruimtelijk werken en compositie in de beeldende vorming voor voortgezet onderwijs.

Binnen de unit Ruimte en Constructie vergelijken leerlingen de expressieve kracht: open vormen suggereren lichtheid, beweging en transparantie, terwijl gesloten vormen massa, stabiliteit en封闭heid uitdrukken. Ze beantwoorden kernvragen over interactie met ruimte door sculpturen te ontwerpen die deze begrippen combineren. Dit ontwikkelt vaardigheden in waarneming, compositie en driedimensionaal denken, essentieel voor latere periodes over ruimtelijkheid.

Actieve leerbenaderingen werken hier uitstekend, omdat leerlingen door experimenteren met materialen en het fysiek manipuleren van vormen de ruimtelijke effecten direct waarnemen. Hands-on bouwen en groepsdiscussies maken abstracte concepten concreet, stimuleren kritisch denken en verhogen de betrokkenheid bij eigen creaties.

Kernvragen

  1. Hoe beïnvloedt de openheid of geslotenheid van een sculptuur de interactie met de omringende ruimte?
  2. Vergelijk de expressieve kracht van een massieve vorm met die van een transparante of geperforeerde vorm.
  3. Ontwerp een ruimtelijk werk dat speelt met de begrippen openheid en geslotenheid.

Leerdoelen

  • Vergelijken van de ruimtelijke effecten van open en gesloten vormen in bestaande sculpturen.
  • Analyseren hoe de keuze voor open of gesloten structuren de waarneming van volume en massa beïnvloedt.
  • Ontwerpen van een ruimtelijk concept dat de principes van openheid en geslotenheid in een sculptuur integreert.
  • Evalueren van de expressieve kracht van zowel massieve als transparante vormen in beeldhouwkunst.

Voordat je begint

Basisprincipes van Driedimensionaal Werken

Waarom: Leerlingen moeten bekend zijn met het werken met materialen en het creëren van basisvormen in de ruimte.

Waarneming en Representatie

Waarom: Een basisbegrip van hoe we vormen en ruimtes waarnemen is nodig om de effecten van open en gesloten structuren te kunnen analyseren.

Kernbegrippen

Open vormEen sculptuur die de ruimte doorlaat, bijvoorbeeld door gaten, transparante materialen of een luchtige constructie. Dit creëert een verbinding met de omgeving.
Gesloten vormEen sculptuur die de ruimte afsluit en een solide, massieve indruk maakt. Het volume is duidelijk afgebakend en de vorm voelt zelfstandig aan.
TransparantieDe eigenschap van materiaal om licht door te laten, waardoor de vorm van achterliggende objecten zichtbaar wordt. Dit draagt bij aan de openheid van een sculptuur.
VolumeDe driedimensionale ruimte die een object inneemt. Bij gesloten vormen wordt het volume vaak als massief en zwaar ervaren.
CompositieDe ordening van elementen binnen een beeldend werk. Bij ruimtelijke werken gaat het om de plaatsing van vormen, lijnen en vlakken in de ruimte.

Pas op voor deze misvattingen

Veelvoorkomende misvattingOpen vormen zijn altijd zwakker en instabiel.

Wat je in plaats daarvan kunt onderwijzen

Door te experimenteren met constructietechnieken zoals triangulatie ervaren leerlingen dat open structuren stevig kunnen zijn. Groepsdiscussies helpen om vooroordelen te corrigeren en de voordelen van openheid voor licht en beweging te ontdekken.

Veelvoorkomende misvattingGesloten vormen hebben geen interactie met de ruimte.

Wat je in plaats daarvan kunt onderwijzen

Actieve manipulatie toont aan dat massieve vormen de ruimte juist definiëren door contrast. Leerlingen observeren schaduwen en omtrekken, wat helpt om te begrijpen hoe geslotenheid spanning creëert met de omgeving.

Veelvoorkomende misvattingOpenheid vermindert de expressieve kracht.

Wat je in plaats daarvan kunt onderwijzen

Hands-on ontwerpen laat zien dat transparantie emoties zoals vrijheid oproept. Peer feedback in activiteiten versterkt dit inzicht en moedigt experimenten aan.

Ideeën voor actief leren

Bekijk alle activiteiten

Verbinding met de Echte Wereld

  • Architecten zoals Rem Koolhaas ontwerpen gebouwen die spelen met open en gesloten gevels om lichtinval, uitzicht en de interactie met de stedelijke omgeving te reguleren. Denk aan het Casa da Música in Porto.
  • Industrieel ontwerpers creëren producten met open structuren, zoals stoelen met een frame of lampenkappen van gaas, om materiaal te besparen en een luchtiger esthetiek te bereiken. Een voorbeeld is de Panton Chair.
  • Stedelijke kunstenaars plaatsen sculpturen in de openbare ruimte die variëren van massieve monumenten tot kinetische kunstwerken met doorzichtige elementen, die de publieke ruimte transformeren en uitnodigen tot interactie.

Toetsideeën

Uitgangskaart

Geef leerlingen een afbeelding van een sculptuur. Vraag hen om te beoordelen of het primair een open of gesloten vorm is en dit te onderbouwen met twee specifieke observaties over de structuur en de relatie met de ruimte.

Discussievraag

Stel de vraag: 'Hoe zou de impact van een sculptuur veranderen als we het materiaal van massief naar transparant zouden omzetten, of andersom?' Laat leerlingen in kleine groepen brainstormen en de belangrijkste ideeën delen.

Snelle Controle

Tijdens het ontwerpproces, loop langs de leerlingen en vraag hen om kort hun schets toe te lichten: 'Welke keuze maak je hier qua openheid of geslotenheid en welk effect beoog je daarmee?'

Veelgestelde vragen

Hoe introduceer ik open en gesloten vormen in klas 1 VWO?
Begin met waarneming van alledaagse objecten zoals hekken en muren. Laat leerlingen schetsen maken en eigenschappen noteren, zoals lichtdoorlaatbaarheid. Bouw op naar sculpturen met eenvoudige materialen om kernvragen te beantwoorden. Dit activeert voorkennis en motiveert creatief denken, in lijn met SLO-kerndoelen.
Hoe helpt actief leren bij open en gesloten vormen?
Actief leren maakt ruimtelijke effecten tastbaar: leerlingen bouwen en verplaatsen modellen, observeren licht en interactie direct. Dit overbrugt theorie en praktijk, vermindert abstractie en stimuleert discussie. Groepsactiviteiten zoals stations en ontwerpen verhogen begrip van compositie en expressie, met blijvende impact op vaardigheden.
Welke materialen zijn geschikt voor dit onderwerp?
Gebruik betaalbare, toegankelijke materialen zoals karton, gaas, plexiglas, klei, houtlatten en draad. Deze laten variatie in openheid en massa toe. Voor VWO-leerlingen voeg gereedschappen zoals zaag en lijm toe voor precisie. Recycleer waar mogelijk om duurzaamheid te benadrukken en kosten laag te houden.
Hoe beoordeel ik ontwerpen van leerlingen?
Gebruik een rubric met criteria zoals ruimtelijke interactie, contrast open-gesloten, expressieve kracht en vakmanschap. Laat peers feedback geven op kernvragen. Observeer proces tijdens activiteiten voor formatieve beoordeling. Dit sluit aan bij SLO-standaarden en motiveert reflectie op compositie.