Activiteit 01
Stationrotatie: Vulkanenstations
Richt vier stations in: magma-opstijging (model met siroop en lamp), lava-afkoeling (smeltkaas observeren), eruptietypes (filmpjes analyseren) en monitoring (seismograaf-apps testen). Groepen rouleren elke 10 minuten en noteren waarnemingen in een logboek. Sluit af met een klassikale vergelijking.
Verklaar de relatie tussen magma, lava en de vorming van verschillende vulkaantypes.
FacilitatietipTijdens de stationrotatie loop je rond en stel je gerichte vragen zoals: 'Wat valt op aan deze lava? Waarom stroomt dit sneller dan bij de vorige?' om leerlingen te laten nadenken.
Waar je op moet lettenGeef leerlingen een kaartje met een vulkanisch fenomeen (bijvoorbeeld: magma, lava, pyroclastische stroom, lahar). Vraag hen één zin te schrijven die uitlegt wat het is en één voorbeeld te geven van een vulkaan waar dit voorkomt.