Activiteit 01
Onderzoekskring: De Bodemtest
Leerlingen krijgen bakjes met zand, klei en veen. Ze gieten er water op en timen hoe snel het water erdoorheen loopt. Ze noteren hun waarnemingen en trekken conclusies over welke grond het meest geschikt is voor een boer.
Verklaar de verschillen in landbouwmethoden tussen zand-, klei- en veengebieden.
FacilitatietipTijdens De Bodemtest geef je leerlingen precieze materialen zoals plastic bekers, maatbekers en een plantenspuit om consistentie in hun metingen te waarborgen.
Waar je op moet lettenGeef leerlingen drie bakjes met zand, klei en veen. Vraag hen om met een plantenspuit te testen hoe snel het water wegloopt en schrijf de observaties op. Bespreek daarna klassikaal: Welke grondsoort hield het water het langst vast? Waarom is dit belangrijk voor boeren?