Activiteit 01
Stationrotatie: Provincie Kenmerken
Richt vier stations in: tradities (foto's bekijken), dialecten (audio beluisteren), feesten (video's bespreken), geografie (kaarten markeren). Groepen draaien elke 10 minuten rond en noteren vergelijkingen tussen twee provincies. Sluit af met plenair delen.
Vergelijk de culturele kenmerken van twee verschillende Nederlandse provincies.
FacilitatietipZorg bij Stationrotatie dat elke groep een eigen provincie krijgt met kaartmateriaal, zodat ze actief kunnen zoeken naar verbanden tussen landschap en cultuur.
Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaartje met de naam van een Nederlandse provincie. Vraag hen om twee culturele kenmerken van die provincie te noemen (bijvoorbeeld een dialectwoord of een typisch feest) en kort uit te leggen waarom dit kenmerk belangrijk is voor de identiteit van die provincie.