Activiteit 01
Simulatiespel: De Wind en de Haakjes
Leerlingen krijgen verschillende soorten 'zaden' (propjes papier, klittenband, veertjes) en moeten testen welke het verst komen bij een ventilator of welke blijven plakken aan een wollen sok. Ze bootsen zo de verspreidingsstrategieën van de natuur na.
Welke dieren hebben vier poten en welke hebben er meer of minder?
FacilitatietipTijdens 'De Wind en de Haakjes' moedig leerlingen aan om verschillende zaadmodellen te testen met een ventilator om de effecten van windsterkte te vergelijken.
Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaart met een afbeelding van een dier. Vraag hen om op te schrijven hoeveel poten het dier heeft en waar het dier woont. Verzamel de kaarten aan het einde van de les.