Activiteit 01
Pair Programming: Basis Polymorfisme
Laat paren een superclass 'Vorm' maken met methode 'teken()'. Schrijf twee subklassen 'Cirkel' en 'Rechthoek' met eigen teken-implementaties. Test in een main-methode met een array van Vorm-objecten. Wissel rollen na 15 minuten.
Verklaar hoe polymorfisme de flexibiliteit en uitbreidbaarheid van een codebase vergroot.
FacilitatietipTijdens Pair Programming: Basis Polymorfisme geef je elk duo een eenvoudige code met een superklasse en twee subklassen, en laat je hen de methodeaanroepen stap voor stap doorlopen met print statements voor duidelijkheid.
Waar je op moet lettenGeef leerlingen een klein codefragment met een klassehiërarchie en een methode die polymorfisme gebruikt. Vraag hen om uit te leggen welke output de code zal produceren en waarom, specifiek verwijzend naar late binding.