Activiteit 01
Paarwerk: Basis Sprite Klasse
In paren definiëren leerlingen een klasse voor een sprite met attributen zoals snelheid en kleur, en een methode om te bewegen. Ze maken twee objecten aan met verschillende waarden en testen interactie met de achtergrond. Sluit af met een korte presentatie van het resultaat.
Verklaar het verschil tussen een klasse en een object aan de hand van een concreet voorbeeld.
FacilitatietipTijdens het Paarwerk: Basis Sprite Klasse, loop rond en vraag leerlingen om hardop te benoemen wat ze als attribuut en wat als methode zien in hun Scratch-project.
Waar je op moet lettenGeef leerlingen een Scratch-project met twee verschillende sprites die als objecten van dezelfde klasse zijn gemaakt. Vraag hen om op een briefje te schrijven: 1. Wat is de naam van de klasse? 2. Noem één attribuut dat de sprites verschillend maakt. 3. Noem één methode die ze beide delen.