Skip to content
Wiskunde · Groep 5

Ideeën voor actief leren

Eigenschappen van Veelhoeken en Cirkels

Actief leren werkt bij dit onderwerp omdat leerlingen door zelf te onderzoeken en te praten over vormen, hun eigenschappen beter begrijpen dan wanneer ze alleen luisteren of tekenen. Door samen te werken met leeftijdsgenoten kunnen ze hun denken verduidelijken en hun begrip verdiepen door argumenten en tegenargumenten te bespreken.

SLO Kerndoelen en EindtermenSLO: Basisonderwijs - Meten en meetkunde
20–30 minDuo's → Hele klas3 activiteiten

Activiteit 01

Peer Teaching20 min · Duo's

Peer Teaching: De Vormen-Detective

Eén leerling heeft een afbeelding van een figuur en beschrijft deze aan een partner (bijv. 'het heeft 4 rechte hoeken en alle zijden zijn even lang'). De partner moet de figuur tekenen op basis van de wiskundige kenmerken.

Hoe classificeer je verschillende soorten driehoeken (gelijkzijdig, gelijkbenig, rechthoekig)?

FacilitatietipTijdens De Vormen-Detective moedig leerlingen aan om eerst zelf hypotheses te bedenken voordat ze hun bevindingen met een partner bespreken.

Waar je op moet lettenGeef leerlingen een kaartje met een afbeelding van een vorm (bijvoorbeeld een vierkant, een ruit, een gelijkbenige driehoek). Vraag hen om twee eigenschappen van deze vorm op te schrijven en te benoemen tot welke categorie de vorm behoort.

BegrijpenToepassenAnalyserenCreërenZelfmanagementRelatievaardigheden
Volledige les genereren

Activiteit 02

Onderzoekskring30 min · Kleine groepjes

Onderzoekskring: De Hoeken-Speurtocht

Groepjes gaan door de school met een 'hoekenmeter' (een gevouwen papiertje met een rechte hoek) om rechte, scherpe en stompe hoeken te vinden in de architectuur en meubels. Ze fotograferen of tekenen hun vondsten.

Leg uit wat de relatie is tussen de diameter en de straal van een cirkel.

FacilitatietipBij De Hoeken-Speurtocht loop je rond en stel je gerichte vragen om leerlingen te helpen focussen op de 'opening' tussen de potloden in plaats van de lengte van de lijnen.

Waar je op moet lettenToon een afbeelding van een cirkel met de middellijn en een straal getekend. Stel de vraag: 'Hoe kun je met alleen de straal de diameter berekenen, en andersom? Leg uit waarom dit zo is.'

AnalyserenEvaluerenCreërenZelfmanagementZelfbewustzijn
Volledige les genereren

Activiteit 03

Gallery Walk25 min · Kleine groepjes

Gallery Walk: Vormen-Sorteerstraat

Leg verschillende papieren figuren op tafels. Leerlingen lopen rond en moeten ze sorteren op basis van criteria zoals 'minstens één stompe hoek' of 'alleen maar gelijke zijden', en leggen hun keuze uit op een kaartje.

Vergelijk de eigenschappen van een vierkant met die van een ruit en een parallellogram.

FacilitatietipLaat bij Vormen-Sorteerstraat leerlingen hun keuzes toelichten en gebruik dit als moment om gemeenschappelijke misvattingen te adresseren.

Waar je op moet lettenLaat leerlingen in tweetallen een aantal vormen tekenen op een whiteboard. De ene leerling tekent, de ander benoemt de eigenschappen (aantal zijden, hoeken, lengte zijden). Wissel daarna om.

BegrijpenToepassenAnalyserenCreërenRelatievaardighedenSociaal Bewustzijn
Volledige les genereren

Sjablonen

Sjablonen die passen bij deze Wiskunde-activiteiten

Gebruik, bewerk, print of deel ze.

Enkele opmerkingen over deze eenheid onderwijzen

Begin met concrete materialen zoals geodriehoeken, potloden en papier om hoeken en zijden meetbaar te maken. Vermijd abstracte definities zonder context, want leerlingen in deze leeftijd leren het beste door doen en praten. Gebruik dagelijkse voorwerpen, zoals een schoolbord of een tafelblad, om vormen en hun eigenschappen te koppelen aan hun omgeving. Zorg dat je taal helder en consistent is, zodat leerlingen niet in de war raken door verschillende benamingen voor dezelfde eigenschap.

Succesvolle leerlingen herkennen en benoemen eigenschappen zoals het aantal zijden, de hoeksoorten en de lengteverhoudingen van zijden bij diverse vlakke figuren. Ze kunnen ook uitleggen waarom bepaalde figuren tot dezelfde familie behoren, zoals een vierkant dat een specifieke rechthoek is.


Pas op voor deze misvattingen

  • Tijdens De Vormen-Detective merken leerlingen op dat een vierkant geen rechthoek kan zijn.

    Gebruik tijdens deze activiteit een vel papier met een vierkant en een rechthoek erop getekend. Laat leerlingen de hoeken tellen en vergelijken, en vraag ze om te kijken of beide figuren vier rechte hoeken hebben. Benadruk dat een vierkant een speciale rechthoek is.

  • Tijdens De Hoeken-Speurtocht denken leerlingen dat een hoek met lange lijnen groter is dan een hoek met korte lijnen.

    Geef elk tweetal twee potloden van verschillende lengte en laat ze hoeken maken. Vraag ze om te vergelijken of de 'opening' tussen de potloden verandert als ze de lengte wijzigen. Laat ze met een geodriehoek meten en concluderen dat de hoekgrootte onafhankelijk is van de lijnlengte.


Methodes gebruikt in dit overzicht