Activiteit 01
De Taal-Switch Rollenspel
Leerlingen krijgen een situatiekaartje, bijvoorbeeld 'een sollicitatiegesprek' of 'je vriend(in) bellen'. In duo's spelen ze de situatie eerst in Standaardnederlands en daarna in een dialect of straattaal, en bespreken de verschillen.
Vergelijk het gebruik van standaardtaal en dialect in een formele en informele situatie.
FacilitatietipMoedig leerlingen aan om te overdrijven in hun rol om het effect van de taalwissel duidelijker te maken.
Waar je op moet lettenGeef leerlingen een chatgesprek en een formele e-mail over hetzelfde onderwerp. Vraag hen de verschillen in taalgebruik te markeren en te benoemen.