Activiteit 01
Rollenspel: Sociale Contexten
Deel contextkaarten uit met situaties zoals 'brief aan de juf' of 'appje naar vriend'. Leerlingen spelen in duo's de dialoog na, eerst informeel, dan formeel. Wissel rollen en bespreek verschillen.
Hoe differentieer je tussen formeel en informeel taalgebruik in gesproken en geschreven communicatie?
FacilitatietipZorg bij het rollenspel dat elk scenario een duidelijke rol en context heeft, zodat leerlingen zich kunnen inleven in de situatie.
Waar je op moet lettenGeef leerlingen twee korte teksten: één formele (bijvoorbeeld een uitnodiging voor een schoolgala) en één informele (bijvoorbeeld een berichtje om af te spreken). Vraag hen op een kaartje te noteren welke tekst formeel is en waarom, en welke informeel en waarom.