Skip to content
Nederlands · Groep 4

Ideeën voor actief leren

Figuurlijk taalgebruik

Actief leren werkt hier omdat figuurlijk taalgebruik voor kinderen abstract is. Door te tekenen, raden en zelf maken, verankeren ze de betekenis in hun eigen ervaringen. Bewegende en interactieve opdrachten maken het verschil tussen letterlijk en figuurlijk tastbaar.

SLO Kerndoelen en EindtermenSLO: Basisonderwijs - WoordenschatSLO: Basisonderwijs - Reflectie op taal
15–45 minDuo's → Hele klas4 activiteiten

Activiteit 01

Gallery Walk25 min · Duo's

Paarwerk: Letterlijk tekenen

Deel uitdrukkingenkaarten uit zoals 'op zijn tenen lopen'. In paren tekenen leerlingen eerst de letterlijke betekenis, dan de figuurlijke. Ze bespreken en presenteren het verschil aan de klas.

Wat bedoelt iemand als hij zegt dat hij 'de draak met je steekt'?

FacilitatietipTijdens het paarwerk tekenen, loop rond en vraag leerlingen om hardop te verwoorden waarom hun tekening bij de letterlijke of figuurlijke betekenis past.

Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaartje met een uitdrukking, bijvoorbeeld 'een oogje dichtknijpen'. Vraag hen om op te schrijven wat dit betekent en een korte tekening te maken van de letterlijke betekenis.

BegrijpenToepassenAnalyserenCreërenRelatievaardighedenSociaal Bewustzijn
Volledige les genereren

Activiteit 02

Gallery Walk45 min · Kleine groepjes

Stationsrotatie: Gezegden raden

Richt vier stations in met gezegden: tekenen, rollenspel, synoniemen zoeken en verhaalbedenken. Groepen draaien elke 10 minuten en noteren betekenissen. Sluit af met klassenquiz.

Waarom gebruiken mensen soms moeilijke uitdrukkingen in plaats van gewone woorden?

FacilitatietipBij de stationsrotatie, geef duidelijke voorbeelden van gezegden die al bekend zijn, zodat leerlingen vertrouwen opbouwen voordat ze nieuwe ontdekken.

Waar je op moet lettenToon een afbeelding die de letterlijke betekenis van een gezegde uitbeeldt (bv. een persoon die een oogje dichtknijpt). Vraag de leerlingen om in tweetallen te bedenken welke uitdrukking hierbij past en wat de figuurlijke betekenis is.

BegrijpenToepassenAnalyserenCreërenRelatievaardighedenSociaal Bewustzijn
Volledige les genereren

Activiteit 03

Gallery Walk30 min · Hele klas

Hele klas: Eigen gezegde maken

Vertel een situatie, laat de klas een figuurlijk gezegde bedenken of kiezen. Stem af en gebruik het in een groepsverhaal. Herhaal met variaties voor herhaling.

Kun je een tekening maken van de letterlijke betekenis van een spreekwoord?

FacilitatietipLaat bij het maken van eigen gezegden leerlingen eerst een bestaand gezegde herhalen, zodat ze de structuur begrijpen voordat ze zelf iets bedenken.

Waar je op moet lettenStel de vraag: 'Waarom denken jullie dat mensen uitdrukkingen gebruiken in plaats van gewone woorden?' Laat leerlingen hun ideeën delen en bespreek hoe dit de taal interessanter maakt.

BegrijpenToepassenAnalyserenCreërenRelatievaardighedenSociaal Bewustzijn
Volledige les genereren

Activiteit 04

Gallery Walk15 min · Individueel

Individueel: Dagboekuitdrukking

Leerlingen kiezen een gezegde uit de les en schrijven een korte zin met figuurlijke betekenis in hun taaldagboek. Volgende les delen ze met een maatje.

Wat bedoelt iemand als hij zegt dat hij 'de draak met je steekt'?

FacilitatietipTijdens het dagboek schrijven, geef een lijstje met voorbeelduitdrukkingen, zodat leerlingen een keuze hebben en niet vastlopen op het bedenken.

Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaartje met een uitdrukking, bijvoorbeeld 'een oogje dichtknijpen'. Vraag hen om op te schrijven wat dit betekent en een korte tekening te maken van de letterlijke betekenis.

BegrijpenToepassenAnalyserenCreërenRelatievaardighedenSociaal Bewustzijn
Volledige les genereren

Sjablonen

Sjablonen die passen bij deze Nederlands-activiteiten

Gebruik, bewerk, print of deel ze.

Enkele opmerkingen over deze eenheid onderwijzen

Begin met concrete voorbeelden uit de belevingswereld van kinderen, zoals prentenboeken of liedjes. Vermijd abstracte uitleg over metaforen; focus op het verschil tussen letterlijk en figuurlijk door te vergelijken. Herhaal gezegden in verschillende contexten, zodat leerlingen patronen herkennen. Laat leerlingen zelf ontdekken door vragen te stellen als: 'Wat valt je op aan deze zin?' of 'Waarom zou iemand dit zeggen?'

Succesvol leren ziet eruit als leerlingen een gezegde herkennen, de figuurlijke betekenis kunnen uitleggen en zelf een voorbeeld bedenken. Ze gebruiken hun woordenschat bewust in gesprekken en teksten. Fouten in de betekenis worden gecorrigeerd met contextuele uitleg.


Pas op voor deze misvattingen

  • Tijdens het paarwerk Letterlijk tekenen, denken leerlingen dat 'de draak steken met iemand' echt een draak betreft.

    Geef de leerlingen de opdracht om de letterlijke betekenis te tekenen op de ene helft van het papier en de figuurlijke betekenis op de andere helft. Bespreek daarna hoe de context in het gezegde de betekenis bepaalt.

  • Tijdens de Stationsrotatie Gezegden raden, geloven leerlingen dat figuurlijk taalgebruik alleen voor volwassenen is.

    Kies voor de stations gezegden die kinderen kennen, zoals 'iemand in de maling nemen' of 'met de deur in huis vallen'. Laat ze in tweetallen raden en uitleggen, zodat ze zien dat het alledaags is.

  • Tijdens de activiteit Hele klas Eigen gezegde maken, zien leerlingen gezegden als vaste formules zonder ruimte voor variatie.

    Geef leerlingen de opdracht om een bestaand gezegde aan te passen, bijvoorbeeld 'De kat uit de boom kijken' wordt 'De hond uit de mand kijken'. Bespreek hoe kleine veranderingen de betekenis beïnvloeden.


Methodes gebruikt in dit overzicht