Activiteit 01
Stationrotatie: Rampensimulaties
Richt vier stations in: overstroming (waterbakken met dijkjes bouwen), storm (ventilator en lichtgewicht objecten), bosbrand (model met rookeffect) en voorbereiding (kaarten markeren). Groepen draaien elke 10 minuten en noteren oorzaken en maatregelen. Sluit af met een klassenrondje.
Vergelijk de oorzaken en gevolgen van verschillende natuurrampen.
FacilitatietipLaat leerlingen tijdens de stationrotatie zelf de simulaties bedienen en observeer hoe ze patronen in de data herkennen, zoals stijgende waterstanden of windkracht.
Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaartje met de naam van een natuurramp (bijvoorbeeld overstroming, bosbrand, storm). Vraag hen om één oorzaak, één gevolg en één voorbereidende maatregel voor die ramp op te schrijven.