Activiteit 01
Stationrotatie: Levenscyclusstations
Richt vier stations in: vlinder (modellen en video), kikker (levende kikkervisjes observeren), zoogdier (foto's en filmpjes), vergelijking (kaarten sorteren). Groepen draaien elke 10 minuten en noteren observaties in een werkblad. Sluit af met een klassikale vergelijking.
Vergelijk de levenscycli van een vlinder en een kikker en identificeer de belangrijkste verschillen.
FacilitatietipZorg bij Stationrotatie dat elk station een duidelijk zintuiglijk element heeft, zoals rupsen die eten, poppen die je mag vasthouden of een audiofragment van een kat die miauwt, zodat leerlingen actief betrokken blijven.
Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaart met de naam van een dier (bijvoorbeeld vlinder, kikker, kat). Vraag hen om de belangrijkste stadia van de levenscyclus van dit dier op te schrijven en één verschil te benoemen met de levenscyclus van een ander dier dat in de klas is besproken.