Skip to content
Natuur en techniek · Groep 4

Ideeën voor actief leren

Duurzame Materialen

Actief leren werkt goed voor dit onderwerp omdat jonge leerlingen duurzaamheid het beste begrijpen door concrete ervaringen met materialen. Door aan te raken, te vergelijken en te onderzoeken ontdekken ze zelf de impact van keuzes op het milieu.

SLO Kerndoelen en EindtermenSLO: Basisonderwijs - Natuur en techniekSLO: Basisonderwijs - De leerlingen leren over milieu en duurzaamheid
30–50 minDuo's → Hele klas4 activiteiten

Activiteit 01

Casusanalyse45 min · Kleine groepjes

Station Rotatie: Levenscyclus Stations

Richt vier stations in: winning van grondstoffen, productie, gebruik en afvalverwerking. Groepen rotëren elke 10 minuten, observeren voorbeeldproducten en noteren milieu-impact op werkbladen. Sluit af met een klassenbespreking over duurzame keuzes.

Verklaar wat duurzame materialen zijn en waarom ze belangrijk zijn.

FacilitatietipBij de levenscyclusstations: zorg voor tastbare materialen zoals een houten blok, een plastic fles en een katoenen lap om de levenscycli zichtbaar te maken.

Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaartje met de naam van een materiaal (bijvoorbeeld: plastic fles, houten potlood, papieren schrift). Vraag hen om één reden te geven waarom dit materiaal duurzaam of niet-duurzaam is en één suggestie voor een duurzamer alternatief.

AnalyserenEvaluerenCreërenBesluitvormingZelfmanagement
Volledige les genereren

Activiteit 02

Casusanalyse30 min · Duo's

Paarwerk: Materiaalvergelijking

Deel paren materialen uit, zoals plastic en karton. Leerlingen testen eigenschappen zoals afbreekbaarheid met eenvoudige proeven, zoals begraven in aarde. Ze vullen een tabel in met plus- en minpunten voor duurzaamheid.

Analyseer de levenscyclus van een product en identificeer duurzame alternatieven.

FacilitatietipBij materiaalvergelijking: geef paren precieze vragen mee, zoals 'Wat gebeurt er met dit materiaal na gebruik?' en 'Welk materiaal kost het minste energie om te maken?'

Waar je op moet lettenToon een afbeelding van een product (bijvoorbeeld een speelgoedauto). Stel de vraag: 'Stel je voor dat deze auto kapot gaat. Wat gebeurt er daarna met de onderdelen? Hoe zouden we dit anders kunnen doen zodat het beter is voor de natuur?'

AnalyserenEvaluerenCreërenBesluitvormingZelfmanagement
Volledige les genereren

Activiteit 03

Casusanalyse50 min · Kleine groepjes

Groepsproject: Duurzaam Ontwerp

In kleine groepen ontwerpen leerlingen een duurzaam schoolproduct, zoals een lunchtrommel. Ze tekenen de levenscyclus en kiezen materialen. Presenteren aan de klas met redenen voor hun keuzes.

Beoordeel de duurzaamheid van verschillende materialen die in de klas worden gebruikt.

FacilitatietipBij het duurzame ontwerp: leg de focus op hergebruik en langdurig gebruik in plaats van op esthetiek.

Waar je op moet lettenLaat leerlingen in tweetallen een simpel product (bijvoorbeeld een vogelhuisje) tekenen. Vraag hen om bij elke tekening aan te geven van welk materiaal het gemaakt is en waarom dat materiaal een goede of minder goede keuze is voor de natuur.

AnalyserenEvaluerenCreërenBesluitvormingZelfmanagement
Volledige les genereren

Activiteit 04

Casusanalyse40 min · Hele klas

Klassenonderzoek: Klasmaterialen Audit

De hele klas inventariseert materialen in de klaslokaal. Leerlingen sorteren ze op duurzaamheidscriteria en stellen een rapport op met aanbevelingen voor alternatieven.

Verklaar wat duurzame materialen zijn en waarom ze belangrijk zijn.

FacilitatietipBij de klasmaterialen audit: maak een duidelijke tabel waarin leerlingen hun bevindingen kunnen noteren en vergelijken.

Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaartje met de naam van een materiaal (bijvoorbeeld: plastic fles, houten potlood, papieren schrift). Vraag hen om één reden te geven waarom dit materiaal duurzaam of niet-duurzaam is en één suggestie voor een duurzamer alternatief.

AnalyserenEvaluerenCreërenBesluitvormingZelfmanagement
Volledige les genereren

Enkele opmerkingen over deze eenheid onderwijzen

Ervaren leraren benadrukken dat duurzaamheid niet alleen over afval gaat, maar over de hele levenscyclus. Vermijd te simplistische benaderingen zoals 'natuurlijk = duurzaam'. Gebruik liever vergelijkingen en data om leerlingen te laten ontdekken dat duurzaamheid een afweging is tussen verschillende factoren.

Succesvolle leerlingen kunnen uitleggen waarom sommige materialen duurzamer zijn dan andere en dit toepassen op alledaagse voorbeelden. Ze tonen dit door materialen te vergelijken, duurzame alternatieven te bedenken en hun keuzes te verantwoorden.


Pas op voor deze misvattingen

  • Tijdens het Station Rotatie Levencyclus Stations, let op leerlingen die denken dat duurzaam alleen maar gerecycled betekent.

    Laat leerlingen tijdens dit station zelf materialen testen en vergelijken, zoals een houten blok dat lang meegaat en een plastic fles die vaak na één gebruik weggegooid wordt. Bespreek samen wat de echte impact is.

  • Tijdens het Paarwerk Materiaalvergelijking, let op leerlingen die aannemen dat alle natuurlijke materialen automatisch duurzaam zijn.

    Geef paren een tabel met milieu-impactgegevens, zoals watergebruik en CO2-uitstoot, zodat ze zelf kunnen zien dat katoen bijvoorbeeld veel water gebruikt in vergelijking met bamboe.

  • Tijdens het Groepsproject Duurzaam Ontwerp, let op leerlingen die denken dat duurzame materialen altijd duurder zijn.

    Laat leerlingen tijdens het ontwerpen een eenvoudige kostenberekening maken, waarbij ze de prijs per gebruik vergelijken tussen een wegwerpplastic beker en een herbruikbare glazen beker.


Methodes gebruikt in dit overzicht