Activiteit 01
Stationsrotatie: Eigenschappen Testen
Richt vier stations in: 1. Dichtheid (objecten in water laten zinken of drijven). 2. Aggregatietoestand (ijs, water, stoom observeren). 3. Oplossen (zout, suiker, zand in water). 4. Smeltpunt (kaarsvet, chocolade verwarmen). Groepen rotëren elke 10 minuten en noteren resultaten in een tabel.
Differentiateer tussen elementen, verbindingen en mengsels met voorbeelden.
FacilitatietipTijdens de stationsrotatie: Zorg dat elk station een duidelijke, herhaalbare test heeft, zoals een magneet bij metalen of een vergrootglas bij korrels, zodat leerlingen weten wat ze moeten doen zonder extra uitleg.
Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaartje met een stof (bijvoorbeeld: zout, ijzer, lucht, water, zand met water). Vraag hen om de stof te classificeren als element, verbinding of mengsel en hun keuze kort te motiveren.