Nederland · SLO Kerndoelen en Eindtermen
Klas 5 VWO Filosofie.
In klas 5 maken leerlingen kennis met de kerngebieden van de filosofie, zoals wijsgerige antropologie, ethiek, kennisleer en wetenschapsfilosofie. Ze leren kritisch nadenken over fundamentele vragen, argumenteren en het analyseren van klassieke en moderne filosofische teksten.

01Wijsgerige Antropologie
Een verkenning van de menselijke natuur, de relatie tussen lichaam en geest, en het vraagstuk van de vrije wil.
Leerlingen onderzoeken de verhouding tussen lichaam en geest aan de hand van dualisme en monisme. Ze analyseren de theorieën van Descartes en moderne neurowetenschappelijke visies.
Dit onderwerp behandelt het debat over de vrije wil en de invloed van natuurwetten op menselijk handelen. Leerlingen evalueren compatibilisme en hard determinisme.
Leerlingen bestuderen hoe de menselijke identiteit wordt gevormd door de samenleving en de Ander. Concepten van Sartre en De Beauvoir komen hierbij aan bod.

02Ethiek
Bestudering van normatieve ethische theorieën en de toepassing hiervan op hedendaagse morele dilemma's.
Een introductie in de normatieve ethiek via het utilitarisme van Bentham/Mill en de plichtsethiek van Kant. Leerlingen passen deze theorieën toe op morele dilemma's.
Leerlingen verdiepen zich in de deugdethiek van Aristoteles en de focus op karaktervorming. Ze onderzoeken wat het betekent om een 'goed leven' te leiden.
De theorieën worden toegepast op hedendaagse ethische vraagstukken, zoals medische ethiek, klimaatethiek of dierethiek. Leerlingen leren een beargumenteerd standpunt in te nemen.

03Kennisleer
Onderzoek naar de oorsprong, grenzen en geldigheid van menselijke kennis en waarheid.
Leerlingen vergelijken de kenleer van rationalisten zoals Descartes met empiristen zoals Locke en Hume. Ze onderzoeken de oorsprong van onze kennis.
Dit onderwerp behandelt de twijfel als filosofische methode en de zoektocht naar een absoluut fundament voor kennis. Het gedachte-experiment van de 'brain in a vat' wordt geanalyseerd.
Leerlingen bestuderen verschillende opvattingen over waarheid, zoals de correspondentie-, coherentie- en pragmatische theorie. Ze passen deze toe op alledaagse en wetenschappelijke claims.

04Wetenschapsfilosofie
Kritische reflectie op de methoden, ontwikkeling en maatschappelijke rol van de wetenschap.
Leerlingen onderzoeken het verschil tussen wetenschap en pseudowetenschap. De falsificatietheorie van Karl Popper staat hierbij centraal.
De theorie van Thomas Kuhn over paradigmawisselingen wordt geanalyseerd. Leerlingen leren dat wetenschap niet alleen een lineair proces van accumulatie is.
Dit onderwerp bekritiseert het idee van waardevrije wetenschap. Leerlingen onderzoeken de invloed van maatschappelijke en ethische waarden op wetenschappelijk onderzoek.

05Sociale en Politieke Filosofie
Analyse van de fundamenten van de staat, rechtvaardigheid en de verhouding tussen individu en macht.
Leerlingen bestuderen de oorsprong van de staat aan de hand van sociaalcontracttheorieën van Hobbes, Locke en Rousseau. Ze analyseren de legitimiteit van overheidsmacht.
De theorie van rechtvaardigheid van John Rawls wordt behandeld, inclusief de 'sluier van onwetendheid'. Leerlingen debatteren over de verdeling van welvaart en kansen.
Leerlingen onderzoeken de spanning tussen individuele vrijheid en staatsmacht. Concepten zoals negatieve en positieve vrijheid (Berlin) en disciplinerende macht (Foucault) komen aan bod.