Activiteit 01
Microscoopstations: Protisten Diversiteit
Richt vier stations in met preparaten van verschillende protisten: ciliaten, flagellaten, diatomeeën en algen. Leerlingen observeren 5 minuten per station, schetsen structuren en noteren habitats. Sluit af met een korte presentatie per groep over gemeenschappelijke kenmerken.
Vergelijk de voedingswijzen van schimmels met die van planten en dieren.
FacilitatietipGeef bij Microscoopstations duidelijk aan welke protisten de leerlingen moeten vergelijken en hoe ze hun waarnemingen moeten documenteren in een tabel.
Waar je op moet lettenGeef leerlingen een kaartje met de termen 'protist' en 'schimmel'. Vraag hen om voor elk twee kenmerken op te schrijven en één ecologische rol te benoemen. Verzamel de kaartjes aan het einde van de les.