Activiteit 01
Station Rotatie: Lichteffecten Stations
Richt vier stations in: hard licht (zaklamp op scherp), zacht licht (diffuus met papier), zijdelings licht (op kant) en schaduwpatronen (met gaas). Groepen draaien elke 10 minuten, tekenen observaties en noteren veranderingen in vormwaarneming. Sluit af met groepsdiscussie.
Analyseer hoe de richting en intensiteit van licht de waarneming van een 3D-vorm beïnvloeden.
FacilitatietipZorg tijdens Station Rotatie: Lichteffecten Stations dat elke leerling minstens een keer aan de slag gaat met alle drie de materialen, zodat ze de verschillen tussen lichtbronnen zelf ervaren.
Waar je op moet lettenGeef leerlingen een klein object en een zaklamp. Vraag hen om het object zo te positioneren dat er een zo lang mogelijke schaduw ontstaat, en daarna zo dat de schaduw het kleinst is. Op een kaartje noteren ze: 'Met deze opstelling maakte ik de langste schaduw' en 'Met deze opstelling maakte ik de kortste schaduw', en ze tekenen kort de situatie.