Skip to content
Beeldende vorming · Groep 7

Ideeën voor actief leren

Portret en Zelfportret

Actief leren werkt bij dit thema omdat leerlingen door directe ervaring ontdekken hoe kunstenaars identiteit en emotie vormgeven. Door zelf te tekenen, te analyseren en te discussiëren, verbinden ze historische voorbeelden met hun eigen creativiteit en inzichten.

SLO Kerndoelen en EindtermenSLO: Basisonderwijs - Beeldende aspecten: PortretSLO: Basisonderwijs - Identiteitsvorming
20–45 minDuo's → Hele klas4 activiteiten

Activiteit 01

Gallery Walk45 min · Kleine groepjes

Station Rotatie: Historische Portretten

Richt vier stations in met afbeeldingen van portretten uit verschillende periodes: Renaissance, Barok, 19e eeuw en modern. Groepen rotëren elke 10 minuten, noteren observaties over identiteit en status, en bespreken in plenary. Sluit af met een tijdlijntekening.

Analyseer hoe portretten door de geschiedenis heen zijn gebruikt om identiteit en status weer te geven.

FacilitatietipTijdens de station rotatie: leg bij elk station een korte, duidelijke opdrachtkaart neer met een focusvraag over het betreffende portret.

Waar je op moet lettenGeef leerlingen een kaart met een afbeelding van een historisch portret. Vraag hen één zin op te schrijven waarin ze uitleggen hoe de kunstenaar de status van de afgebeelde persoon heeft weergegeven, en één zin over een ander kenmerk van identiteit dat zichtbaar is.

BegrijpenToepassenAnalyserenCreërenRelatievaardighedenSociaal Bewustzijn
Volledige les genereren

Activiteit 02

Gallery Walk30 min · Duo's

Paarwerk: Collage Zelfportret

In paren verzamelen leerlingen knipsels en foto's die hun persoonlijkheid weergeven. Ze plakken een collage en tekenen er een portret overheen. Wissel feedback uit over expressie van emoties.

Ontwerp een zelfportret dat niet alleen je uiterlijk, maar ook je persoonlijkheid of emoties uitdrukt.

FacilitatietipBij het collage zelfportret: geef leerlingen een tijdslimiet per onderdeel (bijv. 10 minuten voor schets, 15 minuten voor collage) om focus te houden.

Waar je op moet lettenToon twee zelfportretten van verschillende kunstenaars. Stel de klas de vraag: 'Hoe verschillen de manieren waarop deze kunstenaars hun eigen identiteit of emoties uitdrukken? Welke artistieke keuzes maken ze om dit te bereiken?' Laat leerlingen hun antwoorden onderbouwen met verwijzingen naar de beelden.

BegrijpenToepassenAnalyserenCreërenRelatievaardighedenSociaal Bewustzijn
Volledige les genereren

Activiteit 03

Gallery Walk20 min · Hele klas

Klasdiscussie: Identiteit in Kunst

Toon bekende zelfportretten op het digibord. Laat de klas stemmen en argumenteren welke emoties ze zien. Elke leerling deelt daarna één woord over eigen identiteit voor een groepsportret.

Verklaar de uitdagingen en mogelijkheden van het vastleggen van een 'ziel' in een portret.

FacilitatietipTijdens de klasdiscussie: schrijf kernvragen op het bord en geef elke leerling een beurt om antwoord te geven voordat je verder gaat.

Waar je op moet lettenLaat leerlingen een lijstje maken van 3 tot 5 kenmerken die zij belangrijk vinden om in een zelfportret te laten zien. Vraag hen vervolgens kort te noteren hoe ze deze kenmerken visueel zouden kunnen maken in hun eigen tekening of schilderij.

BegrijpenToepassenAnalyserenCreërenRelatievaardighedenSociaal Bewustzijn
Volledige les genereren

Activiteit 04

Gallery Walk35 min · Individueel

Individueel: Schetsreeks Emoties

Leerlingen schetsen zichzelf in drie emoties: blij, verdrietig, boos. Vergelijk met historische voorbeelden en kies er één uit voor een finaal zelfportret met uitleg.

Analyseer hoe portretten door de geschiedenis heen zijn gebruikt om identiteit en status weer te geven.

FacilitatietipBij de schetsreeks emoties: demonstreer eerst met een snelle schets hoe je een emotie in stappen kunt opbouwen, van basisvorm tot detail.

Waar je op moet lettenGeef leerlingen een kaart met een afbeelding van een historisch portret. Vraag hen één zin op te schrijven waarin ze uitleggen hoe de kunstenaar de status van de afgebeelde persoon heeft weergegeven, en één zin over een ander kenmerk van identiteit dat zichtbaar is.

BegrijpenToepassenAnalyserenCreërenRelatievaardighedenSociaal Bewustzijn
Volledige les genereren

Enkele opmerkingen over deze eenheid onderwijzen

Begin met het benadrukken dat portretkunst gaat over expressie, niet perfectie. Vermijd het benadrukken van 'mooi' of 'lelijk' in leerlingenwerk, maar richt je op de intentie achter hun keuzes. Gebruik vergelijkingen tussen historische en moderne portretten om diversiteit in benaderingen te laten zien. Onderzoek toont aan dat leerlingen beter leren als ze zelf ervaren hoe emotie en identiteit visueel kunnen worden gemaakt.

Succesvolle leerlingen tonen begrip van portret als meer dan uiterlijk door emotie en persoonlijkheid te herkennen in kunstwerken. Ze passen dit toe door hun eigen werk te reflecteren en keuzes te verantwoorden tijdens groepsgesprekken.


Pas op voor deze misvattingen

  • Tijdens de schetsreeks emoties, denken leerlingen dat een portret alleen realistisch moet zijn.

    Geef tijdens deze activiteit voorbeelden van gestileerde of symbolische portretten en vraag leerlingen hun eigen schetsen te evalueren: welke keuzes maken ze om emotie te tonen, en hoe past dat bij hun eigen stijl?

  • Tijdens het collage zelfportret, tonen leerlingen alleen uiterlijke kenmerken zoals haar of kleding.

    Laat leerlingen aan het einde van deze activiteit in tweetallen bespreken welke innerlijke eigenschappen ze hebben geprobeerd uit te drukken en vraag hen te verduidelijken welke kleuren, objecten of houdingen hieraan bijdragen.

  • Tijdens de station rotatie, denken leerlingen dat historische portretten alleen voor rijke mensen waren.

    Geef bij deze activiteit een kaart met een portret van een persoon uit een andere cultuur of sociale klasse en vraag leerlingen in kleine groepjes te bespreken welk doel dit portret mogelijk had en hoe dat verschilt van hun eigen ideeën.


Methodes gebruikt in dit overzicht