Skip to content
Beeldende vorming · Groep 5

Ideeën voor actief leren

Licht en Schaduw in 3D: Ruimtelijke Effecten

Actief leren werkt voor dit thema omdat leerlingen door zelf te experimenteren met licht en schaduw direct ervaren hoe ruimtelijke effecten ontstaan. Door fysiek met lichtbronnen en objecten te werken, verankeren ze abstracte begrippen zoals diepte en vorm in hun geheugen.

SLO Kerndoelen en EindtermenSLO: Basisonderwijs - Beeldende vorming: reflectieSLO: Basisonderwijs - Beeldende vorming: licht
15–45 minDuo's → Hele klas3 activiteiten

Activiteit 01

Onderzoekskring30 min · Kleine groepjes

Onderzoekskring: De Schaduw-Veranderaar

Groepjes plaatsen een zelfgemaakt beeld in het midden van een groot vel papier. Met een zaklamp onderzoeken ze wat er gebeurt met de schaduw als de lamp hoger, lager of verder weg gaat. Ze trekken de verschillende schaduwen om met potlood.

Analyseer hoe de positie van een lichtbron de schaduw en de waargenomen vorm van een driedimensionaal object verandert.

FacilitatietipBij 'De Schaduw-Veranderaar' laat je leerlingen documenteren hoe de schaduw verandert bij elke verplaatsing van de lichtbron door middel van korte notities of foto’s.

Waar je op moet lettenGeef leerlingen een klein object en een zaklamp. Vraag hen om een tekening te maken van het object met de schaduw vanuit twee verschillende hoeken. Onder de tekeningen schrijven ze in één zin wat er verandert aan de schaduw als de lichtbron beweegt.

AnalyserenEvaluerenCreërenZelfmanagementZelfbewustzijn
Volledige les genereren

Activiteit 02

Denken-Delen-Uitwisselen: Drama met Licht

Bekijk foto's van hetzelfde beeld met verschillende belichting (bijv. van onderen vs. van opzij). Leerlingen bespreken in tweetallen welk beeld 'spannender' is en waarom. Ze delen hun conclusies over de sfeer met de klas.

Verklaar hoe schaduwen kunnen worden gebruikt om een sculptuur groter, kleiner of mysterieuzer te laten lijken.

FacilitatietipTijdens 'Drama met Licht' geef je leerlingen eerst 2 minuten tijd om individueel na te denken over de vraag, zodat introverte leerlingen ook aan bod komen.

Waar je op moet lettenToon een foto van een sculptuur. Stel de vraag: 'Hoe zou de schaduw van dit beeld veranderen als de zon lager aan de hemel zou staan? Wat zou dat doen met de manier waarop we de vorm van het beeld zien?' Laat leerlingen hun antwoorden onderbouwen.

BegrijpenToepassenAnalyserenZelfbewustzijnRelatievaardigheden
Volledige les genereren

Activiteit 03

Circuitmodel45 min · Kleine groepjes

Circuitmodel: Licht-Trucs

Station 1: Silhouetten maken. Station 2: Schaduw inkleuren met verschillende grijstinten. Station 3: Werken met een lichtbak of transparante materialen. Leerlingen ontdekken hoe materiaal de lichtdoorlating beïnvloedt.

Ontwerp een ruimtelijk object waarbij de interactie met licht en schaduw een essentieel onderdeel van het kunstwerk is.

FacilitatietipBij 'Licht-Trucs' loop je rond met een reflectievorm en moedig je leerlingen aan om hun eigen ontdekkingen hardop te delen met de groep.

Waar je op moet lettenLaat leerlingen in tweetallen experimenteren met een object en een lichtbron. Geef hen de opdracht om de schaduw zo te manipuleren dat het object groter lijkt. Vraag daarna: 'Welke positie van de lichtbron heeft dit effect het beste bereikt en waarom?'

OnthoudenBegrijpenToepassenAnalyserenZelfmanagementRelatievaardigheden
Volledige les genereren

Enkele opmerkingen over deze eenheid onderwijzen

Ervaren docenten benadrukken dat dit thema het beste werkt als leerlingen eerst met echte voorwerpen en lichtbronnen experimenteren voordat ze dit vertalen naar tekeningen of bouwwerken. Vermijd te veel uitleg vooraf; laat leerlingen zelf patronen ontdekken. Onderzoek toont aan dat leerlingen schaduw beter begrijpen als ze de lichtbron zelf mogen verschuiven en de effecten direct waarnemen.

Succesvolle leerlingen kunnen uitleggen hoe de positie van de lichtbron de schaduw beïnvloedt en passen dit toe in tekeningen of beschrijvingen. Ze herkennen dat schaduw een actief hulpmiddel is om ruimtelijkheid te creëren, niet alleen een bijverschijnsel.


Pas op voor deze misvattingen

  • Tijdens 'De Schaduw-Veranderaar' let op dat leerlingen vaak diepzwarte schaduwen tekenen. Geef hen de opdracht om de schaduw buiten te observeren of met gekleurd licht te werken.

    Laat leerlingen tijdens deze activiteit een wit vel papier gebruiken en een zaklamp met kleurfilters (bijvoorbeeld rood of blauw) om te zien hoe de schaduwkleur meeverandert.

  • Tijdens 'Licht-Trucs' zie je dat leerlingen schaduwen vaak onder het voorwerp tekenen. Observeer of ze de lichtbron verplaatsen naar andere posities.

    Geef leerlingen de opdracht om de lichtbron eerst naar de zijkant en daarna naar achteren te bewegen en de schaduw telkens te tekenen op een apart vel.


Methodes gebruikt in dit overzicht