Activiteit 01
Stationrotatie: Stedelijke Modellen
Richt vier stations in: concentrische cirkels (ringen tekenen op papier), sectoren (sectoren knippen en plakken), historische groei (tijdlijn bouwen) en moderne veranderingen (nieuwsartikelen lezen). Groepen rouleren elke 10 minuten en noteren vergelijkingen. Sluit af met een klassenpresentatie.
Analyseer de verschillende modellen van stedelijke structuur (bijv. concentrische cirkels, sectoren).
FacilitatietipBij Stationrotatie: Zorg voor duidelijke instructies per station met kaarten, modellen en vraagkaartjes die leerlingen actief aan het denken zetten over de verschillen en overeenkomsten tussen de modellen.
Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaart van een fictieve stad. Vraag hen om de kaart te labelen met minimaal drie verschillende stadsfuncties (bijv. wonen, werken, recreatie) en één model van stedelijke structuur (concentrische cirkels of sectoren) te benoemen dat de indeling van de stad het beste beschrijft.