Activiteit 01
Stationrotatie: Landbouwmethoden
Richt vier stations in: biologische landbouw (modellen met compost), permacultuur (cirkeldiagrammen), stadslandbouw (verticale tuinen) en consumentenkeuzes (voedselkilometerkaarten). Groepen draaien elke 10 minuten en noteren voor- en nadelen. Sluit af met een klassenvergelijking.
Vergelijk de principes van biologische landbouw, permacultuur en stadslandbouw.
FacilitatietipTijdens de stationrotatie: laat leerlingen elk station eerst zelfstandig een tabel invullen met voor- en nadelen, voordat ze in groepjes hun bevindingen vergelijken.
Waar je op moet lettenStel de leerlingen de vraag: 'Stel je voor dat je een nieuwe voedselproductie in onze stad moet ontwerpen. Welke duurzame methode zou je kiezen en waarom? Welke voordelen en nadelen zie je voor onze buurt?' Laat leerlingen in kleine groepen discussiëren en hun ideeën presenteren.