Activiteit 01
Stationrotatie: Fasens van de Kringloop
Richt vier stations in: verdamping met verwarmd water en folie, condensatie met koude beker bij stoom, neerslag met spuitfles op model, afstroming met zandhelling. Groepen draaien elke 8 minuten en noteren waarnemingen in een logboek. Sluit af met plenair delen.
Analyseer de verschillende fasen van de waterkringloop en hun onderlinge afhankelijkheid.
FacilitatietipBij Stationrotatie: Zorg dat elk station een duidelijke, zichtbare fase van de kringloop laat zien met concrete materialen zoals een kom water voor verdamping of een spiegel voor condensatie.
Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaartje met een afbeelding van een landschap (bijvoorbeeld een berggebied, een vlak polderlandschap, een kustgebied). Vraag hen om op het kaartje te tekenen waar ze de processen verdamping, neerslag en afstroming het meest prominent verwachten en waarom.