Activiteit 01
Stationrotatie: Transformatie Stations
Richt vier stations in: translatie (vectorkaarten), rotatie (hoekdraaiers), reflectie (spiegellijnen) en dilatatie (schaalroosters). Groepen plotten een figuur, voeren de transformatie uit, noteren nieuwe coördinaten en vergelijken met de regel. Wissel na 8 minuten van station.
Analyseer de impact van verschillende transformaties (translatie, rotatie, reflectie, dilatatie) op de coördinaten van punten en de eigenschappen van figuren.
FacilitatietipZorg dat leerlingen bij Stationrotatie eerst de basisregels van elke transformatie met potlood uitschrijven op hun werkblad voordat ze aan de slag gaan met de werkbladen.
Waar je op moet lettenGeef leerlingen een werkblad met een eenvoudige figuur (bijvoorbeeld een driehoek) getekend in het coördinatenstelsel. Vraag hen om de figuur te transleren met een gegeven vector (bijvoorbeeld (3, -2)) en de nieuwe coördinaten van de hoekpunten op te schrijven.