Activiteit 01
Stationrotatie: Schaalstations
Richt vier stations in: 1) Kaartafstanden meten met liniaal en schaaltape. 2) Een huis tekenen op schaal 1:50. 3) Blokjes stapelen voor volume-vergelijking. 4) Werkelijke objecten verkleinen met rasterpapier. Groepen rouleren elke 10 minuten en noteren bevindingen.
Wat betekent schaal in een kaart of tekening?
FacilitatietipBij Stationrotatie: Schaalstations geef elke groep een liniaal en een meetlint om directe vergelijking tussen schaaltekeningen en echte maten te maken.
Waar je op moet lettenGeef leerlingen een kleine kaart van het schoolplein met de schaal 1:100. Vraag hen om de werkelijke lengte van het schoolplein te berekenen. Vraag ook: 'Als je een tekening van een stoel twee keer zo groot wilt maken, met welke schaalfactor vermenigvuldig je dan de lengte?'