Activiteit 01
Getallenrek Springen: Tientallen Optellen
Teken een groot getallenrek op de vloer met krijt. Laat paren sommen zoals 20 + 30 roepen; één kind start bij het eerste getal en springt tientallen vooruit, de ander controleert. Wissel rollen na drie sommen en bespreek voorspellingen.
Verklaar hoe het rekenen met tientallen lijkt op het rekenen met eenheden.
FacilitatietipTijdens Getallenrek Springen laat je leerlingen hardop tellen terwijl ze springen, zodat het ritme van tientallen benadrukt wordt.
Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaartje met een som, bijvoorbeeld '20 + 50 = ?' of '80 - 30 = ?'. Vraag hen het antwoord op te schrijven en kort uit te leggen hoe ze tot het antwoord kwamen, waarbij ze het woord 'tiental' gebruiken.