Activiteit 01
Paarwerk: Handen tellen tafels
Laat paren de lengte van twee tafels meten met hun eigen handen en noteren het aantal. Wissel handen met een ander paar en meet opnieuw. Bespreek waarom resultaten verschillen en hoe je met één maat vergelijkt.
Analyseer waarom verschillende natuurlijke maten tot verschillende meetresultaten leiden.
FacilitatietipTijdens 'Handen tellen tafels' loop je rond en vraag je leerlingen om hun handen naast elkaar te leggen om de variatie in grootte direct zichtbaar te maken.
Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaart met twee objecten (bijvoorbeeld een potlood en een boek). Vraag hen om de lengte van beide objecten te meten met hun eigen handspan. Laat ze opschrijven welk object langer is en hoeveel handspannen elk object lang is.