Activiteit 01
Paarwerk: Argumenten sorteren
Deel kaarten met argumenten uit. In paren sorteren leerlingen ze in sterk en zwak, met redenen. Wissel kaarten uit met een ander paar voor feedback en aanpassing.
Wat maakt een argument sterk of zwak?
FacilitatietipTijdens het paarwerk met argumenten sorteren: geef elk tweetal een set kaartjes met argumenten uit verschillende bronnen en laat ze deze eerst indelen in 'sterk' en 'zwak' voordat ze de criteria bespreken.
Waar je op moet lettenGeef leerlingen een korte tekst (bv. een opiniestukje) met daarin één stelling en twee argumenten. Vraag hen om de stelling te identificeren, de twee argumenten te noteren en voor elk argument kort aan te geven of het sterk of zwak is, met een korte motivatie.