Skip to content

Duwen en trekkenActiviteiten & didactische strategieën

Actief experimenteren met duwen en trekken maakt abstracte krachten tastbaar voor jonge leerlingen. Door te bewegen, voelen en observeren begrijpen ze direct hoe kracht werkt op voorwerpen en oppervlakken. Deze aanpak sluit aan bij hun natuurlijke nieuwsgierigheid en ontwikkelt een wetenschappelijke houding door directe ervaring.

Groep 3Ontdekkers van de Wereld: Natuur en Techniek in Groep 34 activiteiten20 min45 min

Leerdoelen

  1. 1Vergelijken van de afstand die objecten afleggen bij verschillende duw- en trekinspanningen.
  2. 2Verklaren hoe de kracht van duwen en trekken de beweging van een voorwerp beïnvloedt.
  3. 3Demonstreren hoe de ondergrond (bijvoorbeeld glad of ruw) de benodigde kracht om een voorwerp te bewegen verandert.
  4. 4Identificeren van situaties waarin het makkelijker of moeilijker is om een voorwerp te bewegen.

Wil je een compleet lesplan met deze leerdoelen? Genereer een missie

45 min·Kleine groepjes

Stationrotatie: Duw- en Trekstations

Richt vier stations in: duwen op tapijt en tegels, trekken met touwtjes, gooien met ballen en rollen op hellingen. Groepjes draaien elke 7 minuten en noteren waarnemingen in een tabel. Sluit af met een klassikale vergelijking van resultaten.

Voorbereiding & details

Wat gebeurt er met een bal als jij hem duwt of gooit?

Facilitatietip: Bij Stationrotatie: Duw- en Trekstations: Zet duidelijk zichtbare pictogrammen neer voor elke activiteit en demonstreer eerst zelf hoe je een voorwerp verplaatst.

Setup: Wisselend; denk aan buitenruimtes, een lab of een maatschappelijke of externe locatie

Materials: Benodigdheden voor de praktijkervaring, Reflectielogboek met hulpvragen, Observatieformulier, Kader voor de koppeling naar de theorie

ToepassenAnalyserenEvaluerenZelfbewustzijnZelfmanagementSociaal Bewustzijn
30 min·Duo's

Parenexperiment: Auto's Bewegen

Deel poppetjesauto's uit en laat paren duwen en trekken op verschillende ondergronden zoals papier, stof en hout. Meet afstanden met een liniaal en bespreek waarom het soms moeilijker is. Teken resultaten op een poster.

Voorbereiding & details

Hoe kun jij een zwaar voorwerp makkelijker bewegen?

Facilitatietip: Bij Parenexperiment: Auto's Bewegen: Geef elk duo een duimschroef of elastiek om de kracht te vergelijken tussen trekken en duwen op verschillende ondergronden.

Setup: Wisselend; denk aan buitenruimtes, een lab of een maatschappelijke of externe locatie

Materials: Benodigdheden voor de praktijkervaring, Reflectielogboek met hulpvragen, Observatieformulier, Kader voor de koppeling naar de theorie

ToepassenAnalyserenEvaluerenZelfbewustzijnZelfmanagementSociaal Bewustzijn
25 min·Hele klas

Klassikale Balwedstrijd

Gooi ballen naar doelen met duwen, trekken en werpen. Observeer als klas hoe kracht en richting invloed hebben. Tel succesvolle worpen en bespreek patronen op het bord.

Voorbereiding & details

Vertel wanneer het makkelijker en wanneer het moeilijker is om iets te bewegen.

Facilitatietip: Bij Klassikale Balwedstrijd: Gebruik een stopwatch en meetlint om de afstand en snelheid te registreren, zodat leerlingen concrete gegevens hebben om te analyseren.

Setup: Wisselend; denk aan buitenruimtes, een lab of een maatschappelijke of externe locatie

Materials: Benodigdheden voor de praktijkervaring, Reflectielogboek met hulpvragen, Observatieformulier, Kader voor de koppeling naar de theorie

ToepassenAnalyserenEvaluerenZelfbewustzijnZelfmanagementSociaal Bewustzijn
20 min·Individueel

Individueel: Bewegingskaarten

Geef kaarten met voorwerpen en laat kinderen tekenen hoe ze duwen of trekken om te bewegen. Voeg pijlen toe voor richting en noteer obstakels. Deel één tekening met de klas.

Voorbereiding & details

Wat gebeurt er met een bal als jij hem duwt of gooit?

Facilitatietip: Bij Individueel: Bewegingskaarten: Laat leerlingen hun tekeningen eerst aan een klasgenoot uitleggen voordat ze ze aan jou tonen, om taalontwikkeling te stimuleren.

Setup: Wisselend; denk aan buitenruimtes, een lab of een maatschappelijke of externe locatie

Materials: Benodigdheden voor de praktijkervaring, Reflectielogboek met hulpvragen, Observatieformulier, Kader voor de koppeling naar de theorie

ToepassenAnalyserenEvaluerenZelfbewustzijnZelfmanagementSociaal Bewustzijn

Dit onderwerp onderwijzen

Ervaren leerkrachten beginnen met eenvoudige, tastbare experimenten waarin leerlingen kracht direct ervaren. Ze vermijden te veel uitleg vooraf en laten leerlingen eerst hun eigen ideeën verkennen. Door gerichte vragen en herhaling van experimenten corrigeren ze misvattingen stap voor stap. Het is belangrijk om taal te verbinden aan de activiteit, zoals 'deze auto beweegt verder omdat de helling schuiner is'.

Wat je kunt verwachten

Succesvolle leerlingen kunnen benoemen hoe duwen, trekken of gooien een voorwerp in beweging zet en de richting beïnvloedt. Ze herkennen patronen in kracht, gewicht en ondergrond en gebruiken deze in nieuwe situaties. Het taalgebruik wordt preciezer, zoals 'duwen veroorzaakt meer beweging op een gladde vloer'.

Deze activiteiten zijn een startpunt. De volledige missie is de ervaring.

  • Compleet facilitatiescript met docentendialogen
  • Printklaar leerlingmateriaal, klaar voor de klas
  • Differentiatiestrategieën voor elk type leerling
Genereer een missie

Pas op voor deze misvattingen

Veelvoorkomende misvattingTrekken is geen echte kracht, alleen duwen beweegt dingen.

Wat je in plaats daarvan kunt onderwijzen

Tijdens het Parenexperiment: Auto's Bewegen, geef elke groep een touwtje en een stok om de auto te duwen. Vraag hen om te vergelijken welke methode meer controle geeft en waarom trekken net zo goed werkt als duwen.

Veelvoorkomende misvattingZware dingen bewegen altijd moeilijker, ongeacht de ondergrond.

Wat je in plaats daarvan kunt onderwijzen

Tijdens Stationrotatie: Duw- en Trekstations, zet twee identieke dozen neer, één op een gladde vloer en één op een tapijt. Laat leerlingen voorspellen en testen welke doos makkelijker te verplaatsen is en waarom.

Veelvoorkomende misvattingBeweging stopt omdat het voorwerp moe wordt.

Wat je in plaats daarvan kunt onderwijzen

Tijdens de Klassikale Balwedstrijd, laat leerlingen herhaaldelijk een bal over een gladde vloer duwen zonder extra kracht. Observeer of ze merken dat de bal stopt door wrijving en niet door 'moe zijn'.

Toetsideeën

Snelle Controle

Tijdens Stationrotatie: Duw- en Trekstations, vraag aan elke leerling: 'Wat gebeurt er met de bal als je hem harder duwt?' Observeer of ze de relatie tussen kracht en beweging correct beschrijven.

Discussievraag

Tijdens Parenexperiment: Auto's Bewegen, zet twee dozen neer, één gevuld met boeken en één leeg. Vraag: 'Welke doos is makkelijker te verplaatsen? Waarom denk je dat?' Stimuleer discussie over gewicht en ondergrond.

Uitgangskaart

Na Individueel: Bewegingskaarten, verzamel de kaarten en analyseer of leerlingen correct kunnen benoemen of ze duwen of trekken gebruiken in hun situatie en of het makkelijk of moeilijk was.

Uitbreidingen & ondersteuning

  • Challenge: Laat leerlingen een eigen helling bouwen met materialen zoals karton of hout en testen welke helling een zwaar voorwerp het snelst naar beneden laat rollen.
  • Scaffolding: Geef leerlingen die moeite hebben een begeleidende vragenlijst met keuzemogelijkheden, zoals 'Wat gebeurt er met de bal als je harder duwt? (sneller, langzamer, stopt)' om hun focus te sturen.
  • Deeper: Introduceer het concept van wrijving door verschillende materialen (zandpapier, stof, plastic) als ondergrond te gebruiken en laat leerlingen een tabel invullen met hun bevindingen.

Kernbegrippen

duwenEen kracht uitoefenen om iets van je af te bewegen.
trekkenEen kracht uitoefenen om iets naar je toe te bewegen.
krachtIets wat ervoor zorgt dat een voorwerp beweegt, stilstaat, van richting verandert of van vorm verandert.
bewegingHet veranderen van plaats van een voorwerp.
ondergrondDe laag waarover je beweegt, zoals de vloer, het gras of zand.

Klaar om Duwen en trekken te onderwijzen?

Genereer een volledige missie met alles wat je nodig hebt

Genereer een missie