Nederland · SLO Kerndoelen en Eindtermen
Groep 1 Citizenship.
Burgerschap in groep 1 richt zich op de basis van samenleven, respect voor elkaar en het ontdekken van de eigen identiteit binnen de groep. Kleuters leren spelenderwijs over regels, emoties, diversiteit en hoe ze op een positieve manier met elkaar en hun omgeving kunnen omgaan.

01Wie ben ik?
Kinderen ontdekken hun eigen identiteit, emoties en wat hen uniek maakt. Ze leren dat iedereen anders is en dat dit goed is.
We verkennen verschillende emoties zoals blij, boos en verdrietig. Kinderen leren deze gevoelens bij zichzelf en anderen te herkennen.
Kinderen delen hun hobby's, lievelingseten en favoriete spelletjes. Ze ontdekken overeenkomsten en verschillen met klasgenootjes.
Een verkenning van de thuissituatie van de kinderen. Ze leren dat gezinnen er op veel verschillende manieren uit kunnen zien.

02Wij in de klas
De focus ligt op het vormen van een veilige en gezellige groep. Kinderen leren over regels, samenwerken en het oplossen van kleine ruzies.
Het belang van delen en op je beurt wachten wordt geoefend. Kinderen ervaren hoe samenwerken het spelen leuker maakt.
Samen met de leerkracht worden de klassenregels besproken en visueel gemaakt. Kinderen begrijpen waarom regels nodig zijn voor een veilige sfeer.
Kinderen leren hoe ze een conflictje kunnen oplossen en het belang van excuses aanbieden. Ze oefenen met het uiten van spijt en het vergeven van anderen.

03Iedereen hoort erbij
Introductie tot diversiteit en inclusie op een kleuterniveau. Kinderen vieren verschillen in uiterlijk, cultuur en feesten.
Aandacht voor uiterlijke kenmerken zoals haarkleur, huidskleur en lengte. Kinderen leren dat deze verschillen ons juist bijzonder maken.
Een kennismaking met verschillende feesten die door de kinderen in de klas gevierd worden. Ze leren respect te hebben voor elkaars tradities.
Het stimuleren van behulpzaamheid binnen en buiten de klas. Kinderen ontdekken hoe kleine daden een groot verschil kunnen maken voor een ander.

04Zorgen voor onze omgeving
Kinderen leren verantwoordelijkheid te nemen voor hun directe omgeving, zoals de klas, het schoolplein en de natuur.
Het belang van een opgeruimde klas en het weggooien van afval in de prullenbak. Kinderen nemen samen de verantwoordelijkheid voor hun speelomgeving.
Een eerste kennismaking met natuurbehoud door te leren over de verzorging van plantjes in de klas en dieren op het schoolplein.
Kinderen leren dat materialen kapot kunnen gaan en dat we daar voorzichtig mee moeten omgaan. Ze begrijpen het verschil tussen eigen spullen en spullen van de school.