Activiteit 01
Spiegelwerk: Emoties Oefenen
Geef elke leerling een handspiegel. Laat hen basisemoties uitbeelden: blij, verdrietig, boos. Vraag ze kleine veranderingen te maken, zoals wenkbrauwen fronsen, en te observeren wat dat doet. Sluit af met een tekening van hun uitdrukking.
Analyseer hoe kleine veranderingen in je gezicht een andere emotie kunnen uitdrukken.
FacilitatietipTijdens Spiegelwerk: Emoties Oefenen, loop rond en geef individuele feedback op kleine details zoals de stand van de mond of de vorm van de ogen, zodat leerlingen gericht kunnen verbeteren.
Waar je op moet lettenLaat leerlingen een kaartje trekken met een emotie (blij, boos, verdrietig, verrast). Vraag hen vervolgens om deze emotie alleen met hun gezicht uit te beelden. Observeer of de uitdrukking duidelijk herkenbaar is voor de klas.