Activiteit 01
Stationrotatie: Eigenschapstesten
Richt zes stations in voor tests: glans (poetsen), buigzaamheid (buigen), geleidbaarheid (batterij en lampje), hardheid (krassen), magnetisme (magneet) en reactiviteit (zuuroplossing). Groepen rotëren elke 7 minuten en noteren resultaten in een tabel.
Differentiateer tussen de fysische en chemische eigenschappen van metalen en niet-metalen.
FacilitatietipZet tijdens de stationrotatie bij elk station een duidelijke tijdklok en eenvoudige instructieskaarten met pictogrammen, zodat leerlingen zelfstandig kunnen werken zonder constant vragen te hoeven stellen.
Waar je op moet lettenGeef leerlingen een lijst met 5 elementen (bijv. ijzer, zuurstof, silicium, goud, zwavel). Vraag hen elk element te classificeren als metaal, niet-metaal of metalloïde en één kenmerkende eigenschap te noemen die hun keuze ondersteunt.