Activiteit 01
Stationrotatie: Perspectiefstations
Richt vier stations in: lineair perspectief (wegen tekenen met verdwijnpunt), atmosferisch (heuvels vervagen met blauw), mist-effect (droge borsteltechniek), kleurafstand (warme voorgrond, koude achtergrond). Groepen rotëren elke 10 minuten, schetsen en bespreken waargenomen diepte. Sluit af met klassenfeedback.
Vergelijk de effecten van lineair en atmosferisch perspectief op ruimtesuggestie.
FacilitatietipBij Perspectiefstations geef je leerlingen concrete voorbeelden van lineair perspectief en vraag je hen om zelf een schets te maken met beide technieken in één tekening.
Waar je op moet lettenGeef leerlingen een afbeelding van een landschap. Vraag hen om twee manieren te benoemen waarop de kunstenaar diepte heeft gecreëerd, en om één specifiek kleurgebruik te identificeren dat de afstand van een object benadrukt.