Skip to content
Beeldende vorming · Groep 3

Ideeën voor actief leren

Geluiden uit de Natuur en Omgeving

Actief luisteren en nabootsen stimuleert de auditieve waarneming en fijnmotorische vaardigheden van leerlingen. Door direct met geluiden te experimenteren, verbinden ze abstracte concepten zoals volume en ritme aan tastbare ervaringen, wat de betrokkenheid en retentie verhoogt.

SLO Kerndoelen en EindtermenSLO: Basisonderwijs - Muziek: LuisterenSLO: Basisonderwijs - Kunstzinnige oriëntatie: Klankbronnen
25–40 minDuo's → Hele klas4 activiteiten

Activiteit 01

Buitenonderzoek25 min · Hele klas

Luistercirkel: Natuurgeluiden Nabootsen

Speel korte opnames af van regen, wind en vogels. Elke leerling nabootst het geluid met stem of voorwerp, de groep raadt en bespreekt overeenkomsten. Herhaal met variaties voor verfijning.

Analyseer welk voorwerp in de klas klinkt als tikkende regen.

FacilitatietipTijdens de luistercirkel, laat leerlingen eerst hun ogen sluiten om zich volledig te focussen op het geluid, voordat ze het nabootsen.

Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaart met een natuurgeluid (bijv. regen, wind, vogel). Vraag hen om één klasvoorwerp te tekenen dat dit geluid kan nabootsen en één woord op te schrijven dat het volume van het geluid beschrijft (zacht, hard).

OnthoudenBegrijpenAnalyserenSociaal BewustzijnZelfbewustzijnBesluitvorming
Volledige les genereren

Activiteit 02

Buitenonderzoek35 min · Kleine groepjes

Voorwerprotonde: Harde Geluiden Maken

Verzamel klasvoorwerpen zoals rijst in een doos of klotsend water. Leerlingen testen en ordenen ze van zacht naar hard, zonder stem. Groepen presenteren één vondst.

Verklaar hoe je een hard geluid kunt maken zonder te schreeuwen.

FacilitatietipIn de voorwerprotonde, geef elk groepje een blinddoek om de focus te leggen op het geluid en niet op het uiterlijk van het voorwerp.

Waar je op moet lettenZet een reeks geluiden aan (bijv. tikkende regen, ritselende bladeren, een auto die toetert). Vraag de leerlingen: 'Welk geluid vind je prettig om naar te luisteren en waarom? Welk geluid is meer lawaai en waarom?'

OnthoudenBegrijpenAnalyserenSociaal BewustzijnZelfbewustzijnBesluitvorming
Volledige les genereren

Activiteit 03

Buitenonderzoek30 min · Duo's

Geluidspad: Lawaai versus Muziek

Leg een pad uit met stations: willekeurige tikken (lawaai) en ritmische patronen (muziek). Leerlingen lopen en classificeren geluiden, noteren criteria als herhaling.

Differentiate tussen lawaai en muziek op basis van de geluiden die je hoort.

FacilitatietipOp het geluidspad, markeer duidelijke zones voor lawaai en muziek met kleuren of symbolen om de vergelijking visueel te ondersteunen.

Waar je op moet lettenLaat de leerlingen in tweetallen om de beurt een geluid uit de natuur nabootsen met hun stem of een voorwerp. De ander benoemt het geluid en beoordeelt of het geluid herkenbaar is en hoe het volume is.

OnthoudenBegrijpenAnalyserenSociaal BewustzijnZelfbewustzijnBesluitvorming
Volledige les genereren

Activiteit 04

Buitenonderzoek40 min · Kleine groepjes

Stem- en Lichaamsorkest: Omgevingsimitatie

Verdeel klas in secties voor verschillende geluiden (regen, wind). Dirigeer een laag-hoog opbouwend stuk. Leerlingen oefenen en voeren uit.

Analyseer welk voorwerp in de klas klinkt als tikkende regen.

FacilitatietipBij het stem- en lichaamsorkest, demonstreer zelf eerst hoe je geluiden opbouwt van zacht naar hard, zodat leerlingen een referentiekader hebben.

Waar je op moet lettenGeef elke leerling een kaart met een natuurgeluid (bijv. regen, wind, vogel). Vraag hen om één klasvoorwerp te tekenen dat dit geluid kan nabootsen en één woord op te schrijven dat het volume van het geluid beschrijft (zacht, hard).

OnthoudenBegrijpenAnalyserenSociaal BewustzijnZelfbewustzijnBesluitvorming
Volledige les genereren

Enkele opmerkingen over deze eenheid onderwijzen

Benadruk dat geluiden niet alleen met de stem gemaakt kunnen worden, maar ook met voorwerpen of het lichaam. Gebruik vergelijkingen zoals 'een trommel is als een donderende regenbui' om abstracte concepten tastbaar te maken. Vermijd dat leerlingen schreeuwen door ze te laten experimenteren met alternatieve methoden zoals stampen of klappen. Onderzoek uit 2020 van de Universiteit van Amsterdam toont aan dat actieve deelname in muziekeducatie de luistervaardigheid met 30% verbetert.

Leerlingen kunnen geluiden uit de natuur en omgeving herkennen, nabootsen met verschillende materialen en uitleggen waarom sommige geluiden hard of zacht zijn. Ze differentiëren lawaai en muziek op basis van structuur en kunnen hun eigen creaties presenteren met heldere criteria.


Pas op voor deze misvattingen

  • During de voorwerprotonde, denken leerlingen dat harde geluiden alleen met de stem gemaakt kunnen worden.

    Geef elk groepje een tafel, een liniaal en een zak rijst. Laat ze experimenteel ontdekken dat slaan op de tafel, schudden met de rijst of klappen met de liniaal ook harde geluiden opleveren zonder te schreeuwen.

  • During het geluidspad, verwarren leerlingen persoonlijke voorkeuren met objectieve criteria voor lawaai en muziek.

    Gebruik tijdens het geluidspad een kaart met de vragen: 'Is het geluid regelmatig of onregelmatig?' en 'Kun je een patroon horen?' Laat leerlingen hun keuzes verdedigen met deze criteria in een groepsdiscussie.

  • During de luistercirkel, denken leerlingen dat alle natuurgeluiden dezelfde klankkleur hebben.

    Speel tijdens de luistercirkel korte geluidsfragmenten af van regen, wind en vogels. Laat leerlingen eerst beschrijven wat ze horen (ritme, toonhoogte, volume) voordat ze het nabootsen met stem of voorwerpen.


Methodes gebruikt in dit overzicht